De Stichting Sierk Schröder is de auteursrechthebbende op alle kunstwerken van Sierk Schröder

Home | Biografie | Lezingen

Lezingen / betogen / interviews

Sierk Schröder (1903-2002)

Lezingen / betogen / interviews

Het antwoord van Sierk Schröder op de brief van de Algemeen Directeur van Elsevier

Sierk Schröder beantwoordt brief op 28 april 1983 (handgeschreven)

Zeer geachte heer Ter Haar,

Het deed mij genoegen te vernemen dat u doende bent u op de hoogte te stellen van het werk van Nederlandse portretschilders. Het moet mij echter van het hart, dat, als u dit wat eerder en intensiever had gedaan, uw schrijven van 13 dezer óf overbodig óf anders gesteld ware. In uw naaste omgeving kunt u het portret zien van de heren Van den Brink en Stokvis, de oud hoofdredacteur van De Telegraaf. Als u wel eens in het Concertgebouw komt, heeft u in de zogeheten dirigentenfoyer wellicht het portret gezien van Bernard Haitink. En om in kunstenaarskringen te blijven, als u wel eens in Den Haag komt en daar naar de Schouwburg gaat, dan zoudt u de portretten kunnen zien van Paul Steenbergen, van Ida Wassermann en de ook in Amsterdam wel bekende Caro van Eyck.
Maar waarschijnlijk bent u, gezien de indrukwekkende lijst van onderafdelingen van uw onderneming, meer thuis op het wetenschappelijke vlak. Welnu, ik geloof niet dat er één Universiteit in Nederland is waar in de senaatskamer of elders in de gebouwen niet een of meerdere portretten van mijn hand te zien zijn. Ik noem alleen maar Prof. Gerretson, Tinbergen, Meijers en het kan best zijn dat u het portret van Huizinga dat ik (postuum) vervaardigde voor de Huizingapostzegel wel eens bent tegengekomen in een postzegelverzameling. Ik denk dat u ook wel veel te maken heeft met het zakenleven. Misschien zeggen u de portretten van Ingen Housz, van Anton en Frits Philips, van Prof. Jan van den Brink, van Holtrop en een groot aantal andere captains of industry die ik in mijn lange leven schilderde genoeg om u een idee te vormen van wat u kunt verwachten als u mij een opdracht zoudt verstrekken als tekenaar of schilder.
Makkelijker bereikbaar voor uw voorgenomen studie van de Nederlandse portretschilderkunst zijn de portretten van mijn hand die in de Tweede Kamer te zien zijn. Vlakbij de ingang hangt het kortgeleden geschilderde portret van Koningin Beatrix, dat nu de plaats inneemt van het ook door mij geschilderde portret van Prinses Juliana. En verderop in de wandelgangen en conferentiekamers vindt u Prof. Oud, Kortenhorst, om maar een paar namen te noemen.
Ik zal echter verder niet het voorbeeld van Uw briefpapier volgen en álle instanties en kringen in de maatschappij opsommen waarbij ik in mijn functie als portretschilder betrokken was, afgezien nog van mijn hoogleraarschap aan de Rijksacademie. Ik heb al veel te veel gezegd. Ik ben een vakman en ik houd niet van stunts á la Willink of ander soort reclame, dat is waarschijnlijk ook de reden waarom u mij een brief schrijft als aan een jong maatje. Zo'n brief schrijft men niet aan iemand met een gevestigde reputatie. Ik heb mij er dan ook behoorlijk aan geërgerd, maar het was ook nog komiek, want ik kreeg vlak voor ik op reis ging - ter gelegenheid van mijn 80-ste verjaardag - van burgemeester Schols de erepenning van Den Haag voor mijn verdienste als … portretschilder.
Enfin, men is nooit te oud voor wonderlijke ervaringen. Bovendien hoeft u zich verder niet in mijn werk te verdiepen; ik neem al sinds enkele jaren geen opdrachten aan.
Met de meeste hoogachting,
Sierk Schröder

Uit het archief van de Stichting Sierk Schröder

Opmerkingen: over de verwijzing naar de portretten van Van den Brink en Stokvis in de naaste omgeving: Van den Brink, R.E.M. (Dolf) was voorzitter van de Raad van Bestuur van Elsevier van 1954 tot 1979. Zijn portret schilderde Sierk Schröder in het jaar van zijn afscheid (1979). Stokvis, J.J.F., was hoofredacteur van de Telegraaf van 1949-1970. Zijn portret dateert van 1975.